Stories of fathers

Stories of fathers

Onze tweede zoon, volgens papa - Dec 6, 2016 (NL)

We hielden ons hart al enkele weken vast voor de geboorte van onze tweede telg. De balans vinden tussen nog even van de 'vrijheid' genieten enerzijds en uitrusten anderzijds was een hele uitdaging voor jonge actievelingen als Jolijn en mezelf. Hij was uitgerekend voor donderdag, maar in het weekend waren er al heel wat oefenweeën geweest dus we waren op onze hoede. In de nacht van 6 december - nota bene exact 8 jaar na het begin van onze relatie - word ik om 3 uur wakker van Jolijn die puft en klaagt. Ze denkt dat het nog om te oefenen is en gaat even douchen. De weeën zijn erg onregelmatig dus geen reden tot actie. Ik leg mijn hoofd terug neer en hoop vooral dat ze Fred niet wakker maakt.

Om half 4 een kreet vanuit de badkamer. Niet zeker dat het al echt begonnen is maar bon, laten we de ouders van Jolijn bellen om Fred op te pikken, dan moeten we ons over hem al geen zorgen maken. Weinig woorden zijn nodig om opa uit zijn bed te krijgen, ze moeten zich niet haasten maar toch ook geen tijd verliezen. 20 minuten en 5 stevige weeën later, zijn we er wel echt zeker van dat het zover is. De bedoeling is om net als vorige keer thuis te bevallen met de vroedvrouwen. We krijgen Febe aan de lijn die de nodige vragen stelt om te weten waar we staan. Ze zal er over drie kwartier zijn. "Ruim op tijd", denk ik.

Om 4:03 en 4:10 bellen we opnieuw. Het gaat bijzonder snel. Jolijn heeft al persdrang. Febe haast zich extra hard en heeft ondertussen ook al Elke ingeschakeld. Binnen de 10 minuten zal er zeker iemand zijn. Ik heb nauwelijks de tijd om tussen de weeën door - waarin ik zonder excuus als een bezetene Jolijn haar onderrug moet masseren - water te brengen, de woonkamer bevallingsklaar te maken (opengescheurde kraamzak als bewijs), Fred zijn kleertjes te verzamelen en de voordeur open te zetten. Ergens tussendoor breekt haar water ook. Er wordt geroepen. Gelukkig blijft Fredje rustig doorslapen, dat zou er nu echt niet meer bij kunnen. Waar blijven die grootouders toch! 

"Zie je het hoofdje al?" De persweeën waren vorige keer nog van een ander kaliber, dus ik verwacht dat de vroedvrouwen er wel op tijd zullen zijn. Minuten lijken uren te duren. "Natuurlijk zie ik het hoofdje nog niet. We hebben nog tijd." Plots is het hoofdje er wel. Ik kijk recht op het aangezicht van onze Mats. Hij geeft weinig teken van leven. Ik ondersteun zijn hoofdje want anders bengelt het daar maar. Seconden later floept hij er helemaal uit. Zijn lijf is volledig wit. Na een stil ogenblik van paniek begint hij te wenen. "Oef!" Jolijn draait zich op haar rug en na even puzzelen met baby, benen en navelstreng ligt Mats te chillen op haar borst. Ik kijk op de klok en schat dat hij om 4:18 geboren is. Er is zeker ook een moment waarop we elkaar proficiat wensen en kussen.

Ik hoor iemand aankomen. Hopelijk niet de grootouders want die gaan zeker panikeren. Het is Elke. "Hallo ... Te laat ...", zeg ik met een glimlach. "Oh neen!" Volgens mij heb ik tussendoor nog mijn handen gewassen maar zeker ben ik daar niet van. Wanneer we opnieuw op de klok kijken is het 4:23. Febe komt iets later binnen om verontwaardigd het nieuws te horen dat het al gebeurd is. Alles gaat tip-top met Mats. Enkele momenten later komen ook oma & opa binnen, met minstens evenveel verbazing. Dat was dat.

Een dochter - volgens papa, January 20, 2016 (NL)

De geboorte van onze dochter is uitgerekend voor 15 januari, een vrijdag. In het weekend daarna zijn er echter nog steeds geen echte voortekenen, wat mij onverwacht extra tijd geeft om de verbouwing van de keuken af te werken.

De volgende dinsdag wacht ik mijn vrouw ’s avonds op aan het station om samen naar huis te wandelen nadat ze een dag naar de zee is gegaan. Ze heeft een beetje moeite met stappen, wat haar doet vermoeden dat het nu toch voor binnenkort zal zijn. En inderdaad, die avond rond 22u beginnen de weeën, met tussenpozen van iets minder dan 5 minuten. De belbrief van Zwanger In Brussel wordt erbij gehaald, en die zegt om pas te bellen als de weeën elkaar sneller opvolgen dan... 5 minuten. Maar het is nog maar net begonnen, dus we besluiten samen om nog eventjes af te wachten.

Om 23u is het er in elk geval niet minder op geworden, dus bel ik toch maar naar Laure die die avond van wacht is. Ze zal misschien nog net wakker zijn, en dan weet ze alvast dat er iets op komst is. Laure vraagt ons of we graag hebben dat ze al meteen komt, of we liever nog wat wachten. We hadden ons voorbereid op 12 à 24u voor de bevalling van een eerste kindje, dus tijd genoeg: we beslissen om Laure nog wat te laten slapen, en zelf hetzelfde te proberen. Ik slaag daar vrij goed in, mijn vrouw minder, want de weeën blijven ongeveer op hetzelfde ritme doorgaan. Ik stel nog voor dat ze tussen de weeën door nog wat op bed komt liggen om uit te rusten, maar dat lukt niet. De pijn is het meest draaglijk op de knieën steunend op een zitbal.

Rond drie uur ’s nachts worden de weeën heviger, wat ons doet besluiten om tegen kwart voor vier Laure toch maar wakker te bellen. Nog tijdens het telefoongesprek breken de vliezen. Een half uurtje later is Laure van de andere kant van Brussel tot bij ons geraakt, toch een geruststelling om er vanaf dan niet meer alleen voor te staan. In mijn herinnering verloopt alles zeer rustig. We hebben gekozen voor een bevalling met Zwanger In Brussel in het Sint-Jansziekenhuis. Laure overlegt met mijn vrouw of ze graag meteen naar het ziekenhuis gaat, of ze liever nog wat wacht met het risico dat alles dan wat meer in een rush zal gebeuren. Thuis bevallen is ook nog altijd een mogelijkheid. Mijn vrouw kiest ervoor om meteen naar het ziekenhuis te gaan. Een half uur later zijn we zover dat we kunnen vertrekken. Eerst moeten we drie verdiepingen naar beneden met de trap, met onderweg twee weeën op handen en knieën, en vervolgens rijden we mee met de auto van Laure naar het ziekenhuis, met onderweg een viertal weeën.

In het ziekenhuis worden we eventjes van elkaar gescheiden. Mijn vrouw wordt door iemand van de security naar de verlosafdeling begeleid. Ze laat zich niet uit haar concentratie brengen, en blijft de weeën (in de lift en in de gang) opvangen op handen en knieën. Ik meld ons ondertussen aan, en Laure moet nog snel de auto parkeren. Twee minuten later, het is dan ongeveer vijf uur ‘s morgens, vinden we elkaar terug in de verloskamer.

Dit alles heeft de rust nauwelijks verstoord. Mijn vrouw blijft geconcentreerd de weeën opvangen op handen en knieën, op de grond, leunend op een zitbal, en met mij en Laure naast haar. De lichten zijn gedimd, en behalve een vroedvrouw van het ziekenhuis die kort komt informeren of alles goed gaat, is er niemand anders aanwezig.

Rond half zes worden de weeën veel heviger, en tegen kwart voor zes begint mijn vrouw voor het eerst echt te klagen over de pijn. Dit denkt ze niet meer lang te kunnen volhouden, waarop Laure zegt dat dat ook niet nodig zal zijn, aangezien ze het hoofdje al kan zien. Ook ik kan voor het eerst een plukje haar van mijn dochter zien. Wanneer ik een paar minuten later nog eens kijk, zie ik het volledige gezichtje bekken trekken, en om drie na zes is onze dochter geboren. Alles is zo snel en vlot gegaan dat we bijna niet kunnen geloven dat we van man en vrouw in vader en moeder getransformeerd zijn, maar meteen daarna eist onze dochter al onze aandacht en liefde op. Ze wordt op de buik van haar moeder gelegd, die voor het eerst sinds de nacht ervoor nog eens op een bed ligt, met mij ernaast.

Er volgen nog 3 dagen in het Sint-Jansziekenhuis, waar we zeer goed geholpen worden om de borstvoeding op gang te krijgen. Ook de huisbezoeken van Zwanger In Brussel nadien, blijken zeer waardevol. Een aantal kleine tips maken soms een belangrijk verschil om de voeding goed op gang te houden. Ik typ deze tekst naast een perfecte dochter van 18 dagen oud die gulzig ligt te drinken bij haar moeder.

Samuel (perspective of the Father) - August 27, 2016 (EN)

It was a Friday night, Matilda (our Daughter) was in bed and if truth be told I was tired and looking forward to watching something on Netflix then enjoying an early night.  Monday was the predicted due date and despite being repeatedly told the second pregnancy could be early I still felt we would be waiting another two days.  But as it worked out I was wrong.

At 7.30pm Dorota informed me that she had a stomach ache, but wasn't sure if this was the beginning of labor or just something else.  In hindsight it seems pretty obvious that it was the beginning of events but at the time it didn't fell as if it would be.  This was probably due to her calm demeanor. But only an hour later Dorota had become sure that tonight would be the night.  But this was baby number 2, so we had heard before we had some time.  We both expected this to last for hours and not be seeing Sammy till the early hours of tomorrow morning.

Still after instruction from the midwives and for Dorotas own comfort the first thing to do was to wake Matilda and escort her by taxi to friends and then return as quickly as possible. Stage one went very well, in fact it was very enjoyable to be sharing a taxi with a very excited little girl. She was old enough to understand that something special was going to happen and a baby would be at her home soon, topped off by seeing the city and night and having a sleep over at a friends.  Yes it will always remain a very happy memory for me also.

I returned quickly, by which time Dorota was sitting on the inflatable ball knitting to take her mind of things. I set about making the room comfortable for her, lighting candles and putting Star Wars on as a simple distraction. Whilst all the time thinking we would still have a lot of time, so no need to rush.

Before 10 I called the midwife just to inform her that things had begun and that we would be calling back later when things had progressed.

I then suggested a little walk outside as we had done this before Matilda was born and it seemed to help. Dorota was happy with this idea, so candles out and a little slow walk just around the block.  We talked about the time before when she was caryingMatilda as well as simple things that we needed to do over the next few days and weeks.

We returned, candles were relighted and Star Wars was un-paused, Dorota returned to the ball.  Still fairly comfortable. Contractions were at this time frequent but not overly intense. We both still thought we would have a few hours of this with the intensity increasing gradually. So we where both calm with some knowledge of what would come. 

Dorota spoke of having some trepidation but she knew she could do it, and a part of her was happy it was coming nearer as it would then be over soon.  As well of course as having a baby boy in our arms.

The hour from 11 to 12 in my memory seems to have passed very quickly.  I have a recollection of only one clear thought and that was of the film. That is until Dorota told me the intensity of her contractions was really progressing fast and they where coming very often, maybe not regularly but often.  

Instinctively she got off the ball and moved to all fours in front of our sofa, where I massaged her lower back and spoke encouragingly. Making sure she knew how proud of her I was and am. I reminded her how brave and impressive she was the first time round in the hope that she would delve into those reserves once again.

At 11.55 I called the midwife to let her know that things had advanced quickly, although in my heart I thought we were at least an hour away, probably more till baby time.

The intensity of the contractions was really building up and we were breathing together I hope to aid the pain she was feeling. By now she felt as if the birth was imminent and she could feel it, but I remained calm thinking this is probably how it feels but it is not reality. I continued to massage Dorota's lower back and calm her by telling her the midwife will be here soon.  

I myself was feeling very calm still at this stage, after all I'd seen this before and I knew the calmer I was the better for the mother. So I spoke slowly simply, encouragingly and lovingly. 

Over the next 20 minutes I can only recall Dorota asking me how long it would be till the midwife arrived a number of times and her repeating that she thought he (Sammy) was coming now. My answer to the first question was always very soon, not long now.  My answer to the second was it probably feels that way but I think we have still time.

Dorota, in full labour by now, repeated he's coming now. So I removed her underwear with the purpose to just check and hopefully reassure her that he (Sammy) wasn't coming yet. And for about a second I was right. No baby yet. But then one second later his head appeared. No face, only dark hair. My immediate reaction was surprise, quickly followed by concern in case he couldn't breath, so I ever so gently cradled his head in my hands. Then very gently rotated his head a little, not by any force on my part but only with gravity. Then for the first time I saw the face of my baby boy.  Sammy.

The enormity of the situation hit me at this point with probably a thousand thoughts going through my mind simultaneously. I can recall the wonder of seeing my sons face for the first time, and the huge sense of responsibility I had at this moment. Some fear must have been there too, but I didn't allow myself to see it, the prevailing thought that came through was to slow my thoughts, stay calm as this would be the best thing for mother and child I can do.

So I believe my words were "OK he's here, I can see his head.  But it's OK I'm going to need you to push again alright".

I removed one hand from the baby to rub his mother's back but had to bring it back swiftly, as Dorota pushed and Sam was out.  A whole person, arms and legs were already here. I caught him in my lap and hands. A tiny slippery soft little person. For what seemed like seconds but was probably half a second there was silence. I remember thinking is he alright, will I need to do CPR, can I do it? But before I could finish my thoughts he gave out a scream which was swiftly followed by me saying he's here. And a perfect little boy was in my lap. A little bit slimy but perfect none the less.

I said something to Dorota, I don't remember what.  Then I reached for my phone to call the midwife to tell her he was here, and I believe her response was yes I can here that.

Dorota adjusted herself so she could see him, cradled him while still attached by the umbilical cord. I called the midwife and she was outside by then, I ran to the door and let her in leaving Dorota kneeling with Sammy in front of her. 

So now looking back, things did go fast but not with a sense of panic.  It was a simple birth, and although Sammy didn't enter the world quiet as planned I wouldn't change a thing.  

Dorota and I have two beautiful children now, and both have been born at home.  I'm still searching for the words a month later, but to some degree I understand when I was told that the process is natural. As a man I can't get any closer to the experience of childbirth. I have the up-most respect for mothers and the experience they go through, and while the decision is always with them as to how they would like to do it, I would advocate the joy of keeping it simple and as little medicalisation as possible.

I have two great children, and they have a brilliant mother, we have very happy memories of when we got to meet them both for the first time. I'm pretty sure one day in many years when I'm even wrinklier I'll still be able to recollect them all and draw a smile, I think that makes me pretty damn lucky.

Niko Roos - 13/3/2015 (NL)

Om tien over twee, in de nacht van donderdag 12 maart op vrijdag 13, lag Niko, onze pasgeboren dochter, plots op de buik van mijn vriendin, Maaike. Ik begreep er niet veel van en Maaike nog veel minder. Ik geloof dat onze monden wat open hingen.  Slappe kaakspieren.

Een halfuurtje daarvoor had ik nog achter Maaike gezeten terwijl zij ergens de moed vond om de persweeën op te vangen. Waar ze die kracht na twee slapeloze nachten vandaan haalde, is me een raadsel. Ik, behoorlijk onder de indruk van mijn lief, diende als houvast tijdens en als ruggensteun tussen de weeën. Ik was me erg bewust van de bescheidenheid van mijn rol. Maar ik voelde wel dat het Maaike deugd deed, te kunnen leunen en steunen op iemand die ze vertrouwde.

Ik keek zo af en toe eens op. Naar Elke. Zij zat voor Maaike en sprak de hele tijd met zachte stem, beheerst bewegend. Ik vroeg me af, zo ergens bij het begin van de persweeën, toen het me begon te dagen dat er werkelijk een kindje op komst was en dat dit geen vreemde oefening was, of Elke wist hoe blij Maaike en ik waren dat zij hier was. 

Voor de persweeën was er een moeilijk moment. De laatste centimeter ontsluiting liet op zich wachten. Toen we in het ziekenhuis waren aangekomen, rond half elf ’s avonds, leek het zo snel te gaan. Bijna was die volledige ontsluiting daar. De weeën bleven in alle heftigheid komen maar het duurde. En ik zag bij Maaike, die van de bal naar het bad naar de baarkruk naar de mat ging, dat ze er schoon genoeg van kreeg. Eén keertje zei ze: Ik zou graag gaan slapen. En toen ongeveer begonnen de persweeën. Tja.

Rond negen uur ’s avonds stond Elke aan de deur. Maaike stond onder de douche.  Het verzachtte de weeën. Ik maakte thee. Tot dusver was dat zo’n beetje mijn taak geweest. Thee maken. Stil zijn. Maaike met rust laten. Toen Maaike de douche uitkwam, zo mooi blozend dat mijn hart opsprong, kwamen de weeën weer helemaal door. Ze trok zich terug in de slaapkamer, alleen. De geluiden die ze maakte, deden Elke, gebogen over de kamillethee zeggen: dat gaat niet lang meer duren. Ze had het ziekenhuis gebeld, niet lang na het binnenkomen, toen ze zag dat Maaike vijf à zes centimeter ontsluiting had. We zouden rond tien uur vertrekken.

Het is vreemd om iemand waar je zoveel van houdt pijn te zien lijden. Het is nog vreemder om te beseffen dat die pijn goed is. Telkens een stapje dichterbij. Toen Elke binnenkwam zei ik dat ik nog nooit zoiets indrukwekkends gezien had. Ze lachte en zei dat het beste nog moest komen. Ze had gelijk.  

Tussen vier en negen waren Maaike en ik alleen, thuis. Ik zag, terwijl de weeën heftiger en regelmatiger werden, hoe er iets in Maaike naar bovenkwam. Een opborrelende oerkracht. Dat is echt niet overdreven. Het lijkt alsof dat daar een hele vrouwenleven klaar zit, wachtend op dit moment. Te zeggen dat ‘iets’ het van haar overnam, lijkt me dan ook onjuist. Ze gebruikte gewoon haar hele lijf, elke vezel, elke cel. Alles moet geknetterd hebben daarbinnen. Alsof we de rest van onze dagen eigenlijk in sluimerstand doorbrengen, constant opgeladen voor het uitzonderlijke.  

Rond drie uur in de namiddag, donderdag 12 maart, fietste Maaike naar Zwanger in Brussel. Al twee nachten hielden oefenweeën haar uit haar slaap. Ik geloof dat ze onderweg met opzet een kasseienweg koos. Ik checkte thuis rustig mijn mails en zette nog wat thee.

Ik schrijf dit met mijn kleintje rond mij gebonden en begrijp er nog steeds niets van.  Ze snurkt een beetje en piept soms alsof ze droomt. Misschien droomt ze van mama’s buik. 

Wolvin - 21/7/2013 (NL)

De zomer was al een hele tijd aan het kwakkelen, maar er was verandering op komst. Een serieuze verandering! Rond 23u waren de weeën begonnen, maar ‘t was pas toen vroedvrouw Elke ‘s morgens langskwam, dat het duidelijk werd dat het nog wel even zou duren. Voorweeën. Die had Veerle dan de hele nacht liggen chronometreren. Die dekselse natuur toch. Toch bleven de weeën aanhouden en begonnen ze in hevigheid toe te nemen. Ik had ergens gelezen dat vrouwen vaak vroeg in de ochtend bevielen dus het leek erop dat we misschien nog wel een lange weg voor de boeg hadden.

Bad in, bad uit, wiegelend als Charlie Chaplin door de woonkamer in een knalroze badjas, verstreken de uren, de weeën en de centimeters. “Is het nog draaglijk?”, vroeg ik in het begin, maar na een tijd beantwoorden zo’n retorische vragen eigenlijk zichzelf. Ik vond dat er een heel aparte sfeer begon te hangen in het huis. Een soort van geruststellende spanning. Op de trap vroegen de bovenburen nog eens nieuwsgierig “Of het voor binnenkort was?” en “Of we nog steeds van plan waren om thuis te bevallen?”. “Kom morgen maar eens beneden langs op babybezoek.”, antwoordde ik nog grappend en dat bleek achteraf niet eens gelogen. 

Naarmate de avond vorderde geraakte Veerle meer en meer in de cadans van de weeën. Soms had ik het gevoel dat ze eigenlijk met haar bewustzijn ergens anders vertoefde. Maar soms ook helemaal niet. Zoals het moment dat ik plots achter Dafalgan werd gestuurd, want “dat mocht van Elke” en zou de pijn verlichten. Dus ik in zeven haasten achter Dafalgan pilletjes. Bleken pilletjes nu net datgene te zijn wat ze echt niet door de keel kreeg. “En dè pil dan, die slikte je toch ooit ook?”, probeerde ik nog. Tja, helse pijn kunnen verbijten, maar een pilletje van nog geen pink dik doorslikken ... ho maar! Bon, de ongerijmdheid van de situatie kon ik haar duidelijk niet bijbrengen en toen ik haar het pilletje in nog kleiner stukjes kwam presenteren kreeg ik nog meer gedonder voor mijn kop. Ik dus terug naar de apotheek van wacht achter de vereiste bruistablet versie. De blik toen ik terug kwam was er eentje om in te kaderen: de hemel was helemaal open geklaard. En of het nu hielp? Natuurlijk niet, maar dat argument was al vroeger gesneuveld en deed er ook niet meer toe. 

Ik denk dat het uiteindelijk tegen elven liep toen Elke aanbelde. Zij bevestigde het vermoeden dat het nu toch wel serieus begon te worden. Veerle, nog steeds in knalroze badjas, had zich ondertussen naar de slaapkamer begeven. En daar zijn we met ons drieën de nacht in gegaan. Ik, tijdens de weeën duwend op Veerles onderrug, Elke af en toe de hartslag beluisterend en ondersteuning biedend waar nodig en Veerle haar krachten bijeen sprokkelend om de weeën op te vangen. En toen brak het water. Licht gekleurd. “We wachten nog 10 minuten, maar als je binnen die tijd niet begint te persen vertrekken we richting ziekenhuis.”, concludeerde Elke. En zie, Veerle ging direct over tot de orde van de dag: persen deed ze. Zittend op de barkruk, ik op de springbal erachter en Elke in kleermakerszit ervoor. Rustig aan, dat wel. Ze laat zich niet graag opjagen, wachtende vroedvrouwen en duwende vriendjes ten spijt. Ondertussen was vroedvrouw Margriet er komen bij zitten en werd het haast nog een gezellige bedoening. Nog eens 2 uur persen later kwam Wolvin ter wereld. Op 21 juli rond kwart voor vijf in de ochtend in de Grondwetlaan: een nationaal feestbeest.

Hoe vroedvrouwen er dan in een mum van tijd in slagen apgar scores te meten, scheurtjes te hechten, nageboorte te begeleiden, kind mee te helpen aanleggen en ondertussen alles nog eens op te kuisen blijft mij een raadsel. Maar anderhalf uur later lagen we daar dus alleen met ons drie. Wolvin, Veerle en ik en het huis weer voor ons alleen. Ongelofelijk. Fantastisch.

De volgende dagen brak de zon eindelijk door de wolken, en ontvingen we de eerste visites in de tuin. Maar de bezoekjes waar we misschien in het begin nog het meest naar uitkeken waren die van Elke en Margriet. Zij stonden ons met raad en daad bij, luisterden naar onze twijfels en slaagden erin om steeds de juiste dingen te zeggen. Niet voor niets heet een vroedvrouw in het Frans dan ook “sage-femme”.

We zijn nu drie weken later en onze meid lost alle verwachtingen in: af en toe scheel in de lens kijken, het verzorgingskussen op tijd en stond onderplassen, de oma’s hun hart veroveren, liever tussen dan naast ons slapen en de papa plezieren door van de borst op te kijken als die wiegenliedjes begint te spelen. Wat dat laatste betreft doet Brahms het nog steeds uitstekend. Het deuntje komt zowat uit elke muziekdoos en moeders zingen het al generatie op generatie om hun kinderen in slaap te wiegen. De tekst varieert wel eens, maar gaat ongeveer zo: 

“Goeden avond, goede nacht, 

Slaap rustig en zacht.

Van ‘t spelen zo moe,

sluit uw oogjes nu maar toe.

Morgen vroeg, wil de Heer, 

Wekt uw Moeke u weer, 

Morgen vroeg, wil de Heer,

Wekt uw Moeke u weer.”

Zana - 28/3/2013 (NL)

Ik heb twee redenen om ongelooflijk fier te zijn. Een: een maand geleden kreeg ik van een ons goed gezinde Moeder Natuur een prachtige dochter cadeau. Met alles erop en eraan. Gezond en uitermate knap. Ze zou de Miss Baby verkiezing op de materniteit moeiteloos gewonnen hebben. Twee: ik heb een vriendin die gemaakt is om kinderen te baren (dixit onze hulpvaardige vroedvrouw). Twee maal topgeluk want wie heeft er nu niet graag een kind dat van alle oren en poten voorzien is én een vrouw die dan ook nog eens over de juiste skills lijkt te beschikken om dat kleine ukkie ter wereld te brengen. Ik kan je verzekeren, het spaart je heel wat zweet uit.

Net zoals alle andere mannen was ik nerveus voor dit moment suprême. Het besef dat er iets fundamenteel ging veranderen in mijn leven kwam bij mij rijkelijk laat. Zo’n drie dagen na de geboorte. Toen pas leek mijn frank te vallen dat het kleine aapje in mijn armen de rest van haar leven aan mij verbonden zou zijn. Het was een heuglijk moment.

Het besef dat mijn vriendin een natuurlijke krachttoer zou ondergaan kwam ook al rijkelijk laat. Zowat bij de derde wee die uit haar een diepe oerkreet naar boven wist te vissen. Bij de eerste twee weeën was ik te verbouwereerd over wat ik zag en hoorde. Iemand pijn zien hebben omdat hij met z’n knie tegen een tafelpoot stoot is één ding. Je vriendin een wee zien ondergaan is iets helemaal anders. En hoewel de sessies die we volgden, waaronder de bijzonder gezellige avonden bij Zwanger In Brussel, heel wat nuttige info verschaften, lijkt de realiteit nét altijd iets indrukwekkender dan je verwacht had.

En toch kan ik zeggen dat het allemaal beter mee viel dan ik in mijn nachtmerries ervoer. De grootste angst van een man is om zich op zo’n moment aan de zijlijn te moeten toekijken. Iemand over-intense pijn zien ondergaan is uiteraard niet tof. Maar toch moet je proberen om jezelf een plaats te geven. Mij hielp het in elk geval. En als je die plaats er even niet is dan moet je die ook niet forceren. Luister daarom ook naar wat je vrouw of vriendin zegt. De mijne zei al op voorhand dat ik haar met rust moest laten als ze pijn had. Mijn vriendin is een heel zachtaardige en lieve vrouw, maar als ze pijn ondervindt dan plooit ze zich graag in haar zelf op. Ik heb in de eerste uren dan maar het huis opgeruimd. Je bent bezig én je komt na de bevalling in een proper huis terug. Twee vliegen... Maar na alles nog een derde keer drie centimeter verplaatst te hebben, leek het mij wel welletjes geweest. Dan toch maar naast de pijnlijder plaats nemen. En wat blijkt? Er gewoon zijn is op zo’n moment ook al voldoende. Zoals mijn vriendin gevraagd had ging ik niet over haar hoofdje aaien als ze een pijnscheut in haar rug gespiest kreeg. Ik keek er naar terwijl mijn hoofd de moeilijkst op te lossen rekensom ter wereld leek te verwerken. Tussen de weeën door keuvelden we lekker met de ondertussen toegekomen babyverlostster. Op dit punt van de bevalling zaten we nog steeds thuis, in onze met pianomuziek gevulde woonkamer.

Naarmate de weeën toenamen, nam ook het enthousiasme van onze verloskundige toe. Zij leek commentaar te geven bij een voetbalmatch (“ja, goed zo!” en “moooooi, zo heb ik het graag!”) en werd euforisch bij weer een nieuwe, intensere pijngolf. Onder ons: bevreemdend en geruststellend tegelijkertijd. Het leek op een scene uit een David Lynch film. Twee mensen die in een half verduisterde living staren naar iemand die met de knieën op de grond kreten uit het diepste puntje van haar buik braakt. Ik sloeg een zucht van verluchting wanneer onze vroedvrouw het vertrek naar het hospitaal aankondigde, alwaar wij getroond zouden worden tot de gelukkigste twee mensen op de planeet. 

Over de bevalling zelf zou ik kort kunnen zijn. Het was even zoeken voor mijn vriendin naar de ideale positie. Dat je de bevalling niet meer in bed met je voeten in beugels hoeft te doorstaan is ongetwijfeld een vooruitgang. Het is duidelijk ook een goed bewaard geheim. Tijdens de infosessies bleek dat er maar weinig mensen van op de hoogte waren. Het zoeken naar die ideale positie nam wat tijd in beslag. Meer dan de eigenlijke geboorte. Geen erg. Een goede positie vinden is belangrijk voor alle partijen. En hier in de verloskamer, die op het late uur van onze aankomst er heel rustgevend bij lag, vond ik zelf snel mijn plek. Ik was blij mijn vriendin bij bepaalde posities te kunnen ondersteunen. Wanneer er geperst moest worden kon ik dicht bij haar aanmoedigende woorden toefluisteren. Het leek welkom te zijn. Een hele opluchting want op die manier ben je toch bij de bevalling betrokken en heb je tenminste het gevoel een klein beetje geholpen te hebben.

De rust in het ziekenhuis deed bijna denken aan een vakantiestemming. Het was er enorm warm in de verloskamer. Via het open geklapte raam dwarrelde de stilte van de nachtelijke stad naar binnen. Onze vroedvrouw, mijn god wat ben ik haar dankbaar voor die avond, zat heel de tijd op de grond persweeën te bestuderen. Het feit dat er heel de avond lang niemand anders dan wij drieën - vier als je ons ukje mee rekent - in die kamer waren maakt dat dit een droombevalling is geweest. Geen dokters, geen gynaecologen en geen verpleegsters die de kamer binnen en buiten lopen en dingen roepen die je niet begrijpt. Ik had nooit durven denken dat een bevalling zo rustig kon zijn. In mijn gedachten was het een chaotisch en zenuwachtig gebeuren waarbij je als man ergens in een hoekje staat de draaien terwijl je vriendin je allerlei verwensingen naar het hoofd slingert. Niet dus. Goed, je moet het ook niet vergelijken met een uitstap naar de Beekse Bergen maar vaak wordt het ook overroepen door alle verhalen die je te horen krijgt. 

Als je trouwens rekening zou moeten houden met alle horrorverhalen die je hoort dan zouden de geboortecijfers een diepe duik nemen. Hoeveel mannen hebben de afgelopen maanden niet staan leuteren tegen mij dat het leven voorbij is wanneer dat kind er zou zijn. Of ze verwijzen knipogend naar hun kalende hoofd of hun grijze haren. Volgens mij is het hen vooral te doen om te pochen over iets dat jij nog niet hebt meegemaakt. Op zo’n moment worden muizen wel eens getransformeerd tot olifanten. Onze dochter is nog maar een maand oud, maar ik beloof plechtig nooit aanstaande vaders de kast op te jagen. Integendeel: make love and get pregnant. Het is een fantastische ervaring.

Verrept Dekeyserstraat 39 Molenbeek 1080
info@zwangerinbrussel.be
Zwanger in Brussel CVBA
Sitemap

Subscribe to our newsletter

{{ newsletter_message }}

x